Kamado Spareribs volgens de 3-2-1 methode
Bereidingswijze
Langzaam gegaarde spareribs van de kamado BBQ. Eerst roken we de ribs low & slow, daarna pakken we ze in met boter, honing, bruine suiker en appelsap, en tot slot lakken we ze af met BBQ-saus. Het resultaat: malse, sappige spareribs met een mooie rooksmaak en een sticky glaze.
Voor de BBQ-rub
Gebruik je geen kant-en-klare BBQ-rub? Dan kun je deze basisrub maken:
- 3 eetlepels bruine suiker
- 2 eetlepels paprikapoeder
- 1 eetlepel gerookt paprikapoeder
- 1 eetlepel zout
- 1 eetlepel zwarte peper
- 1 eetlepel knoflookpoeder
- 1 eetlepel uienpoeder
- 1 theelepel chilipoeder
- 1 theelepel komijnpoeder
Meng 3 eetlepels bruine suiker, 2 eetlepels paprikapoeder, 1 eetlepel gerookt paprikapoeder, 1 eetlepel zout, 1 eetlepel zwarte peper, 1 eetlepel knoflookpoeder, 1 eetlepel uienpoeder, 1 theelepel chilipoeder en 1 theelepel komijnpoeder goed door elkaar.
Voorbereiding
Haal 2 racks spareribs uit de verpakking en dep het vlees droog met keukenpapier.
Aan de holle kant van de spareribs zit meestal een dun vlies. Steek met een bot mesje of de achterkant van een lepel onder het vlies bij een botje. Pak het vlies daarna vast met keukenpapier en trek het voorzichtig los. Door dit vlies te verwijderen worden de spareribs malser en kan de rub beter in het vlees trekken.
Smeer de spareribs rondom dun in met 3 eetlepels mosterd. De mosterd proef je later nauwelijks terug, maar zorgt ervoor dat 4 eetlepels BBQ-rub goed blijft plakken.
Bestrooi de spareribs daarna royaal met 4 eetlepels BBQ-rub. Zorg dat de rub goed verdeeld is over de bovenkant, onderkant en zijkanten van het vlees. Druk de rub licht aan, maar wrijf hem niet te hard in.
Laat de spareribs minimaal 30 minuten rusten. Heb je meer tijd? Leg ze dan afgedekt 2 tot 4 uur in de koelkast, zodat de smaak beter in het vlees kan trekken.
Kamado voorbereiden
Maak de kamado klaar voor indirect grillen op 110 °C tot 120 °C. Gebruik een platesetter of hitteschild, zodat de spareribs niet direct boven de kolen liggen.
Voeg 2 chunks rookhout toe aan de gloeiende houtskool. Appelhout geeft een milde, lichtzoete rooksmaak. Kersenhout geeft een mooie kleur en een fruitige smaak. Hickory geeft een sterkere, klassieke BBQ-smaak.
Gebruik niet te veel rookhout. Spareribs nemen vooral in het begin rook op en te veel rook kan bitter worden.
Bereiding
Stap 1: spareribs roken
Leg 2 racks spareribs met de bolle kant naar boven op het rooster. Sluit de kamado en rook de spareribs ongeveer 3 uur op 110 °C tot 120 °C.
Open de kamado zo min mogelijk, zodat de temperatuur stabiel blijft. Na ongeveer 2 uur kun je de spareribs eventueel licht sprayen met een deel van de 100 ml appelsap. Dit helpt om de buitenkant iets vochtig te houden en geeft een subtiele zoete smaak.
Na ongeveer 3 uur moeten de spareribs een mooie donkere kleur hebben en moet de BBQ-rub goed vastzitten aan het vlees.
Stap 2: spareribs inpakken
Leg per rack een groot stuk aluminiumfolie klaar. Haal de spareribs voorzichtig van de kamado en leg ze met de vleeskant naar beneden op de folie.
Verdeel in totaal 50 gram roomboter, 2 eetlepels bruine basterdsuiker, 2 eetlepels honing en de rest van de 100 ml appelsap over de spareribs.
Pak de spareribs stevig in met de aluminiumfolie, zodat er geen vocht kan ontsnappen. Leg de ingepakte spareribs terug op de kamado en gaar ze nog ongeveer 1,5 tot 2 uur op 110 °C tot 120 °C.
Wil je spareribs met iets meer bite? Houd dan ongeveer 1,5 uur aan. Wil je spareribs die bijna van het bot vallen? Laat ze dan ongeveer 2 uur ingepakt garen.
Stap 3: uitpakken en aflakken
Haal de spareribs voorzichtig uit de folie. Let goed op, want er zit heet vocht in het pakket.
Leg de spareribs terug op het rooster met de vleeskant naar boven. Bestrijk de spareribs met 150 ml BBQ-saus.
Laat de spareribs nog 30 tot 60 minuten op de kamado liggen, zodat de BBQ-saus mooi kan indikken en kleverig wordt. Lak de spareribs eventueel na 15 tot 20 minuten nog een tweede keer af met een beetje extra BBQ-saus.
Wanneer zijn de spareribs gaar?
Spareribs beoordeel je vooral op gevoel en niet alleen op kerntemperatuur.
Gebruik de buigtest: pak een rack spareribs met een tang in het midden op. Buigt het vlees mooi door en ontstaan er kleine scheurtjes aan de bovenkant? Dan zijn de spareribs goed.
Je kunt ook kijken naar de botjes. Als het vlees zich iets heeft teruggetrokken en de botjes een stukje uitsteken, zijn de spareribs meestal mooi gaar.
Een derde manier is de priktest. Steek een satéprikker of thermometerpen tussen de botjes in het vlees. Gaat dit makkelijk en zonder veel weerstand, dan zijn de spareribs klaar.
Serveren
Laat de spareribs na het aflakken nog 5 tot 10 minuten rusten. Snijd ze daarna tussen de botjes door.
Serveer de spareribs met coleslaw, gepofte aardappel, maiskolven van de BBQ, friet of aardappelwedges. Zet eventueel extra BBQ-saus op tafel.
GrillX tips
Houd de kamado zo stabiel mogelijk tussen 110 °C en 120 °C. Kleine aanpassingen aan de schuiven hebben vaak pas na 10 tot 15 minuten effect.
Wil je minder zoete spareribs? Gebruik dan minder honing en bruine basterdsuiker, of kies voor een BBQ-saus met minder suiker.
Wil je pittige spareribs? Voeg extra chilipoeder, cayennepeper of een pittige BBQ-saus toe.
Voor dikkere spareribs, zoals St. Louis cut ribs, kan de totale bereidingstijd iets langer zijn.